Hoe verloopt de procedure bij de rechtbank?

Het indienen van het verzoek gebeurt in een verzoekschrift dat door een advocaat is ondertekend. Het verzoek wordt vervolgens inhoudelijk op een terechtzitting behandeld. De zitting vindt plaats binnen acht tot veertien dagen nadat het verzoek is ingediend en het verslag ter inzage is gelegd.  Als niet alle klassen met het akkoord hebben ingestemd en er nog geen herstructureringsdeskundige of observator bij het traject betrokken is, wijst de rechtbank alsnog een observator aan. De observator heeft als taak om toezicht te houden op de totstandkoming van het akkoord en daarbij oog te hebben voor de belangen van de gezamenlijke schuldeisers.

Iedere stemgerechtigde schuldeiser kan, tot aan de dag van de zitting, een schriftelijk (tegen)verzoek indienen tot afwijzing van het verzoek tot homologatie. Een dergelijk ‘bezwaar’ kan worden gebaseerd op algemene of aanvullende afwijzingsgronden. Algemene afwijzingsgronden zien vooral op procedurele regels, vormfouten zogezegd. Bijvoorbeeld wanneer niet aannemelijk is dat de onderneming zonder akkoord failliet dreigt te gaan, de betrokken schuldeisers onvoldoende zijn geïnformeerd of de procedure op onjuiste wijze is gevoerd. Aanvullende afwijzingsgronden zien op inhoudelijke bezwaren, bijvoorbeeld wanneer de klassen niet juist zijn ingedeeld of kleine MKB bedrijven minder dan 20% van hun vordering krijgen zonder zwaarwegend belang van de schuldeiser. Een schuldeiser kan alleen een beroep doen op zo’n inhoudelijke grond als hij zelf heeft tegengestemd en ook de klasse waarin hij is ingedeeld het voorstel heeft verworpen. De betreffende schuldeiser kan geen beroep meer doen op de aanvullende grond, indien hij al eerder op de hoogte was van het mogelijk van toepassing zijn van die grond, maar hij de schuldenaar daar niet tijdig op heeft aangesproken. Immers anders wordt de schuldenaar de mogelijkheid ontnomen om het voorstel voor het akkoord aan te passen om voordat hij het verzoek indient bij de rechtbank.

De rechtbank toetst ook zelf (ambtshalve) of de procedurele regels in acht zijn genomen. De rechtbank toetst alleen aan de inhoudelijke afwijzingsgronden als een schuldeiser daar een beroep op doet. Het akkoord wordt bindend door goedkeuring door de rechter. Als het akkoord niet slaagt, heeft de ondernemer drie jaar lang geen mogelijkheid meer om opnieuw een WHOA-akkoord aan schuldeisers aan te bieden.

 

 

 

Contact opnemen